Onevenredige gevolgen snelheidsremmers?

Verzoeker klaagt er over dat er snelheidsbeperkende maatregelen zijn genomen bij hem in de straat, precies voor zijn huis. Dit zorgt naar de mening van verzoeker voor gevaarlijke situaties. Ook klaagt verzoeker dat de uitslag van de verkeersmeting die door de gemeente is verricht niet betrouwbaar is nu de gemeente niet op dezelfde plaats heeft gemeten. Tot slot klaagt verzoeker over de voortvarendheid van de gemeente, onder meer in het verstrekken van de informatie en het niet adequaat reageren op brieven. Met betrekking tot de norm goede informatieverstrekking concludeert de Ombudscommissie dat verzoeker vanaf 2009 meerdere keren lang heeft moeten wachten op informatie. Voor wat betreft het vooraf mogen meepraten concludeert de Ombudscommissie dat de snelheidsremmende maatregelen niet zo?n ingrijpend effect hebben dat meepraten vooraf door de bewoners noodzakelijk geacht moet worden. Temeer niet nu de maatregelen getroffen zijn naar aanleiding van klachten van bewoners over te hard rijden en ze vooraf ge?nformeerd zijn door middel van een brief. De Ombudscommissie is van oordeel dat de gemeente terecht verwijst naar verkeersdeskundigen, voor de bepaling van de locatie van de snelheidsremmers, maar merkt hierbij op dat het wellicht van toegevoegde waarde zou kunnen zijn als de overwegingen van die verkeersdeskundigen inzichtelijk worden gemaakt. Voor wat betreft de evenredigheid concludeert de Ombudscommissie dat verzoeker heeft aangegeven te vrezen voor de verkeersveiligheid, maar dit niet kan staven. Ook ondervindt verzoeker hinder bij het bereiken van zijn woning door de snelheidsremmers, maar dit is niet structureel en niet van zodanige aard dat er sprake is van een onevenredig middel dat is toegepast. Met betrekking tot de norm voortvarendheid concludeert de Ombudscommissie dat de gemeente een aantal keren niet voortvarend heeft gehandeld naar verzoeker toe door te laat te reageren of brieven niet te beantwoorden. Tot slot merkt de Ombudscommissie voor wat betreft de klachtafhandeling op dat, het niet ontvangen en tijdig verwerken van de brief waarin verzoeker een bericht van verhindering geeft voor de geplande hoorzitting en het niet ontvangen van zijn reactie op de meetresultaten de procedure rommelig maken. De Ombudscommissie komt dan ook tot het volgende oordeel: De gedragingen van de gemeente zijn ten aanzien van de kernwaarden: I. Open en duidelijk a. Goede informatieverstrekking: niet onbehoorlijk. II. Respectvol a. Evenredigheid: behoorlijk. III. Betrokken en oplossingsgerecht a. Voortvarendheid: onzorgvuldig. IV. Klachtafhandeling: niet onbehoorlijk. Daarmee is de klacht van verzoeker deels gegrond.
Lees hier het rapport