Re-integratie arbeidsproces; hoever mag de gemeente gaan?

Verzoekster ontvangt sinds 1986 een bijstandsuitkering. Sinds 1999 werkt zij als vrijwilligster in de openbare bibliotheek. Sinds 2007 heeft zij zes betaalde uren, na een opleiding te hebben gevolgd. In juli 2005 kreeg verzoekster van de gemeente te horen dat het de bedoeling was dat zij zo snel mogelijk weer zelf in de kosten van onderhoud zou kunnen voorzien. Daartoe werd zij aangemeld voor een combinatieonderzoek (persoonlijkheidsonderzoek en loopbaanonderzoek). Aansluitend daarop zou een re-integratietraject worden aangeboden. Begin 2006 laat de gemeente verzoekster weten dat zij zich voor 24 uren per week beschikbaar moet stellen voor de arbeidsmarkt. Verzoekster laat weten dat zij is gestart met de opleiding ?specialisatie inlichtingenwerk? op verzoek van de Overijsselse Bibliotheekdienst en vraagt zij vrijstelling van de sollicitatieplicht voor de duur van de opleiding. Deze vrijstelling wordt verleend. In augustus 2007 vraagt verzoekster de opleiding te mogen vervolgen, waarmee ze de mogelijkheden om urenuitbreiding te krijgen, vergroot. Per augustus heeft zij 12 invaluren door de bibliotheek ter beschikking gekregen. Het verzoek wordt afgewezen en zij wordt aangemeld voor een traject gericht op arbeidsinschakeling. In september 2007 laat verzoekster weten dat zij afziet van de uitkering. De Ombudscommissie stelt voorop dat zij de procedure rond re-integratie als een gegeven moet beschouwen. Zij oordeelt verder dat je als gemeente voor de menselijke kant oog moet blijven houden, zeker als beleid strikt wordt toegepast. Het oog houden voor de menselijke kant kan zich dan bijvoorbeeld vertalen in de wijze waarop rond en over dat beleid wordt gecommuniceerd. Een opmerking om de sfeer van dat de gemeente de consequenties van het beleid voor de betrokkene oprecht betreurt, past daarin. De vraag is of de gemeente in het geval van verzoekster een verwijt valt te maken met betrekking tot de communicatie. Ten aanzien daarvan oordeelt de Ombudscommissie dat er in enkele gevallen sprake is van niet zorgvuldig handelen. De Ombudscommissie vindt het bijzonder jammer dat de gemeente een bepaalde brief van verzoekster niet als klacht heeft behandeld omdat door behandeling het zeer dat bij verzoekster leefde had kunnen worden opgepakt en de gemeente uitleg had kunnen geven zoals zij ter zitting van de Ombudscommissie heeft gedaan. Dat wil niet zeggen dat daarmee de zaken waren opgelost, maar dan had de gemeente in ieder geval duidelijk(er) kunnen maken waarom zij bijvoorbeeld op bepaalde voorstellen van verzoekster niet is ingegaan. Verder vindt de Ombudscommissie het op zijn minst vreemd dat de gemeente in de brief waarmee verzoekster haar uitkering opgaf, gelet op de klachten die zij ook in de brief verwoordde, geen aanleiding heeft gezien om het gesprek met verzoekster opnieuw aan te gaan. Daarbij is van belang de grote financi?le consequenties die dit voor verzoekster had. Een aantal door verzoekster aangedragen zaken ziet de Ombudscommissie als gevolg van miscommunicatie, waarbij niet alleen de gemeente maar ook verzoekster een verwijt kan worden gemaakt. Zo heeft verzoekster bijvoorbeeld niet of onvoldoende overleg gepleegd met de gemeente over de vervolgopleiding. De gemeente op haar beurt heeft niet voldoende duidelijk gemaakt wat het re-integratietraject precies inhield. Meer in algemene zin is het de Ombudscommissie opgevallen dat de gemeente, hoewel formeel gezien correct handelend, onvoldoende heeft uitgedragen, in brieven of ter zitting, dat zij oog heeft voor de lastige positie waarin het toegepaste beleid verzoekster heeft gebracht. In dat verband gaat de Ombudscommissie nog in op de omstandigheid dat ter zitting bleek dat zowel verzoekster als de betrokken ambtenaar aangaf zich gekwetst te voelen. De Ombudscommissie kan zich wat betreft de gevoelens van beide een voorstelling maken. De ambtenaar moest zich houden aan het geldende beleid, ook al was dat voor verzoekster onwelgevallig. Zij had daarbij te maken met een mondige en in sommige opzichten niet meewerkende burger. Verzoekster, op haar beurt, is op bepaalde momenten wel erg strak aangepakt, terwijl zij uiteindelijk haar best heeft gedaan om zelf in haar onderhoud te (gaan) voorzien.
Lees hier het rapport