WOZ bezwaar juist behandeld?

Verzoeker klaagt er over dat de behandeling van zijn bezwaarschrift tegen de WOZ-waardebepaling op meerdere onderdelen niet goed is gegaan. Zo geeft verzoeker aan dat de stelling dat met hem gebeld zou zijn, na indiening van het bezwaarschrift en dat hij aangegeven zou hebben dat hij niet gehoord wilde worden, niet correct is. Hij geeft aan niet gebeld te zijn en ook niet aangegeven te hebben van het horen af te willen zien, in tegendeel, hij heeft juist uitdrukkelijk in het bezwaarschrift aangegeven gehoord te willen worden. De gemeente geeft aan dat de betreffende ambtenaar van de taxateur heeft begrepen dat deze wel heeft gebeld en dat gezegd zou zijn door verzoeker dat hij geen gebruik wil maken van een hoorzitting. De Ombudscommissie is van oordeel dat het recht om gehoord te worden een zeer fundamenteel recht is. Nu verzoeker in het bezwaarschrift ook nog heeft aangegeven gehoord te willen worden en de gemeente niet kan aantonen wanneer er gebeld is met verzoeker, is de Ombudscommissie van oordeel dat het afzien van een hoorzitting door de gemeente onbehoorlijk is. Verzoeker heeft aangegeven niet tijdig een ontvangstbevestiging te hebben ontvangen nadat hij bezwaar had gemaakt tegen de WOZ-waardebepaling. De gemeente geeft in de klachtafhandelingsbrief en tijdens de hoorzitting aan dat dit niet goed is gegaan. In de klachtafhandelingsbrief biedt de gemeente haar excuses aan voor het niet tijdig versturen van een ontvangstbevestiging. Verzoeker heeft hierover ook nog aangegeven moeite te hebben met het feit dat er naar zijn gevoel verschillende redenen worden gegeven voor het niet versturen van een ontvangstbevestiging. De Ombudscommissie heeft er met instemming kennis van genomen dat de gemeente de omissie erkent en daarvoor haar verontschuldiging heeft aangeboden. In het kader van het bezwaarschrift heeft verzoeker ook verzocht om inzage in het dossier. Hierop is door de gemeente niet gereageerd. Naar aanleiding van de klacht is met verzoeker een afspraak gemaakt voor inzage in het dossier. Deze inzage heeft op 31 oktober 2011 uiteindelijk plaatsgevonden. De Ombudscommissie is van oordeel dat het onzorgvuldig is dat verzoeker, ondanks zijn verzoek, geen inzage in zijn dossier heeft gehad tijdens de bezwaarprocedure. Voor wat betreft de klachtafhandeling merkt de Ombudscommssie het volgende op. Van het horen van verzoeker is door de gemeente een verslag gemaakt, maar niet van het horen van de betreffende ambtenaren. Volgens artikel 9:10, lid 1 en lid 3 van de Algemene wet bestuursrecht worden klager en degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft in de gelegenheid gesteld om te worden gehoord en wordt van het horen een verslag gemaakt. De wenselijkheid van zo?n verslag, waarin de bevindingen zijn neergelegd, is ook belangrijk voor mogelijke vervolgprocedures, zoals in dit geval. Op dit onderdeel is de klachtafhandeling van de gemeente onzorgvuldig. De Ombudscommissie komt dan ook tot het volgende oordeel: I. Goede informatieverstrekking: onbehoorlijk. II. Goede organisatie: deels geen oordeel, deels onzorgvuldig Daarmee is de klacht van verzoeker gedeeltelijk gegrond. III. Klachtafhandeling: deels onzorgvuldig, deels zorgvuldig.
Lees hier het rapport