Communicatie over agrarische bestemming en een bedrijfsplan

Verzoeker klaagt erover dat hij niet tijdig informatie kreeg van de gemeente dat zijn perceel grond behoort tot het plangebied van het bestemmingsplan ?Hessenpoort 2? , en dat de gemeente bij het maken van bestemmingskeuzes geen overleg had met aanwonenden van de Lichtmisweg met als gevolg dat hij nu om de agrarische bestemming terug te krijgen een bedrijfsplan moet opstellen, waaruit blijkt dat hij op zijn perceel een volwaardig agrarisch bedrijf heeft. De kwestie van de informatieverstrekking legde verzoeker ook voor aan de Raad van State. Die overwoog dat de publicatie van de terinzagelegging van het ontwerpplan en het vastgestelde plan op de gebruikelijke wijze had plaatsgevonden. Bij verzoeker bleef echter het gevoel van onrechtvaardigheid bestaan. Dat gevoel kwam voort uit het gegeven dat de gemeente zomaar, zonder enig overleg met verzoeker, de bestemming van zijn perceel wijzigde, terwijl de gemeente ook de keuze had om dat niet te doen. Daarom ligt bij de ombudscommissie de vraag voor of de gemeente tegenover verzoeker in de voorfase van de besluitvorming behoorlijk handelde. De gemeente ging kennelijk af op haar bekende gegevens, maar liet na om aan verzoeker (en overige omwonenden), te vragen of zij de agrarische bestemming op hun perceel wilden behouden. Ook de gemeente zelf gaf aan dat er te weinig was gecommuniceerd en dat het een (willekeurige) keuze betrof. De gemeente was na protest van verzoeker direct bereid het bestemmingsplan voor het perceel van verzoeker te wijzigen. De vraag rijst dan waarom de gemeente van verzoeker eist dat hij stukken inlevert, waaruit blijkt dat een volwaardig bedrijf zal worden gevestigd. Verzoeker had immers voorheen ook geen volwaardig agrarisch bedrijf; het ging om hobbymatige activiteiten, die verzoeker in de toekomst eventueel zou willen omzetten in bedrijfsmatige activiteiten. De Ombudscommissie deed een aanbeveling.
Lees hier het rapport