Wegbestemd, en nu ?

Door een bestemmingsplanwijziging moet het bedrijf van verzoeker weg van de huidige locatie en ergens anders gevestigd worden. Verzoeker klaagt er over dat de gemeente: - een concreet verzoek voor een andere locatie (bestaande uit meerdere delen grond van verschillende eigenaren in de gemeente Almelo, nabij het huidige bedrijf, locatie Hoeselderdijk/Breesegge) niet als zodanig heeft opgepakt en behandeld.; - een andere familie die op zich op die locatie wilde vestigen, maar dit later heeft verzocht, wel toestemming heeft gegeven, terwijl het bedrijf van deze familie niet is wegbestemd; - een verzoek om een locatie aan de Doodsweg vervolgens ook niet voortvarend heeft opgepakt; - brieven niet heeft beantwoord en afspraken niet is nagekomen. De Ombudscommissie concludeert dat in dit proces er geen sprake is van een goede organisatie. Er is door de gemeente en het XL-park langs elkaar heen gewerkt. Dit heeft als gevolg gehad dat over de mogelijkheden van het verzoek om hervestiging op de Hoeselderdijk/Breesegge niet goed is gecommuniceerd, verzoeker hierover in verwarring is gebleven en uiteindelijk de locatie aan een ander is toebedeeld. Dit omdat de betreffende ambtenaar van de gemeente niet op de hoogte was dat het verzoek nog ?in de la? van de taxateur lag. Dit staat overigens los van de vraag of het mogelijk zou zijn geweest om het bedrijf van verzoeker in dit verwevingsgebied te vestigen. Ook is het verzoeker niet duidelijk geworden waarom de gemeente Wierden ineens een brief stuurde met een antwoord over locaties in deze gemeente. Gelet op hetgeen verzoeker aanvoert in zijn klacht en tijdens de hoorzittingen, blijkt dat er bij hem geen goede informatie aanwezig is over een aantal onderwerpen. Het betreft hier onder meer informatie over hoe het is gegaan met het verzoek om hervestiging aan de locatie Hoeselderdijk/Breesegge en informatie over het verzoek dat is gedaan aan de gemeente Wierden. Het hele proces hierom heen is verzoeker niet duidelijk geworden en de Ombudscommissie concludeert dan ook dat verzoeker hierover onvoldoende duidelijke informatie heeft gekregen. De Ombudscommissie concludeert dat deze onduidelijkheden wellicht hadden kunnen worden voorkomen als er ??n aanspreekpunt was geweest voor verzoeker, die zowel het contact met de gemeente onderhield als met het XL-park. Dit zou de dienstverlening aan de burger aanzienlijk verbeteren. Temeer nu het voor verzoeker niet duidelijk was, wat hij precies van de gemeente kon verwachten en wat van het XL-park. In de hele periode vanaf 2007 valt het de Ombudscommissie ook op dat verzoeker meerderde keren moet aandringen op een antwoord op brieven, of het nakomen van afspraken. De Ombudscommissie concludeert dat de gemeente niet voortvarend heeft gehandeld naar verzoeker toe. Hierbij merkt de Ombudscommissie op dat dit temeer steekt bij verzoeker omdat het gehele proces, vanaf juni 2007 tot heden zo lang heeft geduurd en nog niet is opgelost, terwijl het een situatie is waar verzoeker zelf niet om heeft gevraagd. De Ombudscommissie komt dan ook tot het volgende oordeel: De gedragingen van de gemeente zijn ten aanzien van de kernwaarden: I. Eerlijk en betrouwbaar - Goede organisatie: niet behoorlijk. II. Open en duidelijk - Goede informatieverstrekking: niet behoorlijk. III. Betrokken en oplossingsgericht - Voortvarendheid: niet behoorlijk IV. Klachtafhandeling: procedureel behoorlijk, inhoudelijk niet zorgvuldig. Daarmee is de klacht van verzoeker gegrond.
Lees hier het rapport