Communicatie over het Masterplan

Nadat er een periode van intensief contact is geweest tussen de gemeente en een buurtcommissie in het kader van de vaststelling van het Masterplan, volgt een periode waarin de buurtcommissie zich bewust buiten spel gezet voelt door de gemeente. De gemeente is van mening dat er eerst werkzaamheden worden uitgevoerd die de commissie niet raken waardoor (intensief) contact niet nodig is. De buurtcommissie ziet dat anders en wil van meet af aan betrokken worden. In zoverre is er sprake van een verschil in uitleg van de afspraak dat de commissie bij belangrijke ontwikkelingen/beslissingen betrokken zal worden en dus van miscommunicatie, welke, naar het oordeel van de Ombudscommissie, niet of onvoldoende is hersteld. De miscommunicatie is versterkt door de wijze waarop de gemeente met de brieven van de buurtcommissie is omgegaan. Zij heeft niet schriftelijk geantwoord op meerdere brieven van de buurtcommissie waarin deze vraagt om een expliciete reactie. De stelling van de gemeente dat de brieven feitelijk wel zijn beantwoord via een andere weg (bijvoorbeeld in gesprekken, via de krant of in een raadsbesluit) doet niet af aan het vereiste van behoorlijkheid dat brieven in beginsel een schriftelijke reactie behoeven. Ook de stelling van de betrokken wethouder dat hij altijd bereikbaar is voor vragen/overleg, is onvoldoende om van genoemd vereiste af te wijken. Door niet schriftelijk te reageren op de brieven heeft de gemeente bewust het risico gelopen dat de buurtcommissie zich niet langer serieus genomen voelde. Daarbij speelt ook dat het initiatief tot contact steeds van de kant van de buurtcommissie is gekomen.
Lees hier het rapport