Geen vertrouwen in deskundigheid en onpartijdigheid van medewerker gemeente

In november 2007 diende verzoeker een verzoek om handhaving in, omdat de buren een fundering hadden gemaakt onder de gemeenschappelijke tuinmuur en daarop bouwden. Volgens de gemeente was er geen aanleiding om handhavend op te treden. Het bezwaar tegen het afwijzende besluit werd ongegrond verklaard en verzoeker ging in beroep bij de rechtbank. Ook had verzoeker een gesprek met de wethouder. Verzoeker voerde aan dat de afdeling op verkeerde gronden de bouwtekeningen van de buren had goedgekeurd en niet had gekeken naar de civielrechtelijke belangen, namelijk dat de opbouw van de mandelige muur illegaal is, omdat er zonder zijn toestemming is gebouwd. Volgens de gemeente was het bouwen zonder toestemming van verzoeker geen overtreding of illegaliteit die de gemeente de bevoegdheid geeft om handhavend op te treden. Verzoeker betwijfelde de deskundigheid van de medewerkers van de gemeente. Daarop gaf de gemeente aan dat vertegenwoordigers van de gemeente goed op de hoogte zijn van geldende wettelijke regels en jurisprudentie. Daarnaast stelde verzoeker aan de orde de vraag hoe het kan dat een medewerker, tegen wie klachten over gebrek aan informatieverstrekking gegrond waren verklaard, nog steeds namens de gemeente mag optreden in de procedures van verzoeker. De wethouder vond de aard van de gegrond verklaarde klachten niet zodanig dat dit aanleiding gaf om de betrokken medewerker niet meer in te zetten in de betreffende procedures. De Ombudscommissie overwoog dat bij de beoordeling van het eigen functioneren een bestuursorgaan in beginsel mag uitgaan van het in zijn medewerkers uitgesproken vertrouwen. Dit lijdt slechts uitzondering indien feiten of omstandigheden aangeven dat dit vertrouwen ten onrechte is gegeven. Gelet op de vele irritaties en het uitgesproken gebrek aan vertrouwen dat verzoeker inmiddels had in de behandelend medewerker, is het begrijpelijk dat bij verzoeker het gevoel leefde dat de betreffende medewerker partij koos voor de buurman van verzoeker. Het gesprek met de wethouder had aanleiding kunnen zijn om uit zorgvuldigheidsoverwegingen de lopende procedures met verzoeker over te dragen aan een andere medewerker.
Lees hier het rapport