Perikelen rond bouwaanvraag. Niet behoorlijk handelen voor wat betreft behandelingsduur en niet zorgvuldig handelen voor wat betreft de communicatie

Verzoekers dienen op 7 april 2006 een bouwaanvraag in bij de gemeente. Bij brief van 26 juni 2006 worden zij erover ge?nformeerd dat het plan strijdig is met het bestemmingsplan. 13 november 2006 volgt de weigering. Voor het in behandeling nemen van de aanvraag waren bouwleges verschuldigd. Na de weigering werd 50% terugbetaald. Op 11 december 2006 dienen verzoekers een bezwaarschrift in tegen de weigering. Een ongegrondverklaring volgt op 25 juni 2007. Op 3 juli 2007 dienen verzoekers een nieuwe aanvraag in, waarna op 4 september 2007 de vergunning wordt verleend. Ook ten aanzien van de tweede aanvraag zijn bouwleges verschuldigd. Verzoekers beklagen zich over de lange procedures. Voorts stellen zij dat zij door een fout van een ambtenaar anderhalf keer leges moeten betalen in plaats van een keer. In mei 2007 hadden zij namelijk van de betrokken ambtenaar gehoord dat de kap later moest en dat de carport tot 1 meter uit de voorgevel mocht worden geplaatst, waarna verzoekers de bouwtekening hebben aangepast en ingeleverd bij de gemeente. Een week later echter belde de ambtenaar met de mededeling dat hij een fout had gemaakt en dat de eerste tekening eerst afgewezen zou worden, waarna verzoekers een nieuwe bouwvergunning moesten aanvragen. Tijdens de hoorzitting heeft de gemeente al erkend dat de behandeling van de bouwaanvraag en de afhandeling van het bezwaarschrift te veel tijd in beslag heeft genomen. En ook dat er onvoldoende voortvarend is opgetreden, waarbij de gemeente te weinig het initiatief heeft genomen om verzoekers te informeren over de stand van zaken. De Ombudscommissie overweegt dat een procedure rond een bouwaanvraag voor leken ingewikkeld en ondoorzichtig is. Dat geldt temeer als daar nog bijkomen de kwestie van leges en een bezwaarprocedure. Van de gemeente mag dan ook worden verwacht dat zij tijdig juridisch juiste en volledige informatie geeft. De Ombudscommissie overweegt verder dat niet uitgesloten kan worden dat als verzoekers tijdig informatie hadden gekregen over een nieuw in te dienen aanvraag en over de consequentie van het opnieuw betalen van leges, zij een andere keus hadden gemaakt. De mededeling dat ?zij altijd bezwaar konden maken tegen de legesverplichting?, is een mededeling die niet door de gemeente is bestreden. Deze is weliswaar juridisch juist, maar gegeven de situatie waarin verzoekers verkeerden, lag deze mededeling, in deze context gedaan, namelijk in die van spijtbetuiging van de betrokken ambtenaar over de onjuist gegeven informatie, niet in de rede, nu deze mogelijk de suggestie heeft kunnen wekken dat het met de legesverplichting wel los zou lopen.
Lees hier het rapport