Eerlijke kansen?

Verzoeker klaagt erover dat de gemeente hem geen eerlijke kans geeft om met initiatieven te komen voor de herontwikkeling van bepaalde gebouwen/gebieden in Vriezenveen. Ook klaagt hij er over dat de gemeente brieven/klachten van hem niet beantwoordt en dat de wethouder en de burgemeester geen afspraak (meer) met hem willen maken om hem te woord te staan. Verzoeker heeft aan de gemeente veel berichten heeft gestuurd. Hij geeft aan dat hij zich miskent voelt en dat er niet serieus gereageerd wordt op zijn klachten, brieven en bezwaren. Hij geeft hierbij ook aan dat de bestuurders (wethouders en burgemeester) geen gesprek meer met hem aan willen gaan over bouwplannen die hij heeft. Verzoeker heeft het gevoel dat er niet meer naar hem geluisterd wordt. De gemeente geeft aan dat ze vanwege alle correspondentie alleen nog willen praten met verzoeker over concrete plannen en/of aanvragen en dat de gemeente een bestuurlijk contactpersoon heeft aangewezen die het contact met verzoeker onderhoudt. De Ombudscommissie concludeert dat gelet op de grote hoeveelheid brieven en mails, de gemeente het luisteren naar verzoeker heeft beperkt. Alleen op concrete en formele voorstellen wordt nog gereageerd. Dit komt de Ombudscommissie niet onredelijk over en zij raadt verzoeker dan ook aan dat als hij ergens iets wil ontwikkelen hij een formele aanvraag daartoe indient bij de gemeente. De Ombudscommissie acht het van belang op te merken dat ook verzoeker een rol heeft in het de-escaleren en zij raadt verzoeker aan om de klachten en verzoeken te beperken tot de hoofdzaken en deze te bundelen zodat de gemeente ook de mogelijkheid en de ruimte krijgt om adequaat te kunnen reageren. Verzoeker heeft het idee dat de gemeente haar eigen afdeling Grondbedrijf en daaraan verbonden marktpartijen voortrekt bij nieuwe plannen. De gemeente geeft aan dat dit niet het geval is. Het is de Ombudscommissie niet gebleken dat er geen sprake zou zijn van fair play door de gemeente. Verzoeker heeft de mogelijkheid om bij een te ontwikkelen locatie een aanvraag of een concreet plan in te dienen. Dat verzoekers officieel ingediende plannen niet serieus worden genomen is de Ombudscommissie ook niet gebleken. Tot slot merkt verzoeker tijdens de hoorzitting op dat de verslagen van vergaderingen/besprekingen met de gemeente vaak veel onjuistheden bevatten. Daarom zorgt verzoeker er vaak voor dat direct na de bespreking, meestal binnen 24 uur er een verslag van hem bij de gemeente ligt. De gemeente geeft aan dat uit de verslagen van verzoeker blijkt dat hij vaak een hele andere beleving heeft gehad bij een overleg dan zij. In de klacht geeft verzoeker ook aan dat de gemeente tegenwoordig geen ontvangstbevestigingen meer stuurt. Zo zou er op de laatste twee klachten geen bevestiging zijn ontvangen. De Ombudscommisse is van oordeel dat op een formele klacht een ontvangstbevestiging zou moeten volgen. Echter de Ombudscommissie merkt hierbij wederom op dat door de grote stroom van brieven en mails (met daarin ook klachten) het voor de gemeente niet altijd even overzichtelijk is waar een ontvangstbevestiging op moet worden verstuurd De Ombudscommissie komt dan ook tot het volgende oordeel: I. Open en duidelijk a. Luisteren naar de burger: behoorlijk. II. Respectvol a. Fair play: behoorlijk. III. Respectvol - De-escalatie: behoorlijk. IV. Eerlijk en betrouwbaar: - Goede organisatie: behoorlijk V. Klachtafhandeling: behoorlijk. Daarmee is de klacht van verzoeker ongegrond.
Lees hier het rapport